Groninger Studenten Roeivereniging Aegir

Login leden

Didactiek

Observeren:

Neem de tijd om te kijken, je hoeft niet direct te zien wat er mis gaat. Check bijvoorbeeld eerst de houdingen van de roeiers. Hebben ze hun polsen recht, zitten ze sterk, buigen ze in vanuit de heupen en niet vanuit de rug. Dit zijn belangrijke puntjes om te checken omdat als de roeiers dit fout doen het blessures kan veroorzaken.

Analyseren:

Zoek de oorzaak van fout, ga niet coachen op het gevolg van de fout, maar probeer de oorzaak van de fout te vinden. Pakt iemand bij in de intik, probeer dan uit te vinden hoe dit komt. Dit kan komen omdat iemand niet helemaal goed klaar zit in stopje 3. Probeer dan te coachen op het beter klaar zitten in stop 3 en niet te zeggen, niet bij pakken voorin.

Automatiseren:

Doordat de beweging geautomatiseerd wordt leren de roeiers ook in vermoeidheid en in hoog tempo een goede haal neer te zetten.

Corrigeren:

Benoem de verbetering:

Zeg wat de roeier wel moet doen
Ervaar de fout, overdrijf de fout en maak duidelijk wat de roeier fout doet.

Motiveer de verbetering:

Leg uit waarom wat de roeier fout doet fout is en leg uit waarom de verbetering beter is. Bijvoorbeeld als een roeier bij pakt voorin leg dan uit dat door het bijpakken de roeier niet sterk zit bij de intik en daardoor het eerste deel van de haal mist. Het is belangrijk dat de roeier begrijpt waarom wat die fout doet minder effectief is,  want dan merk je dat ze actief bezig gaan met het wel goed doen. Vooral mannen zijn vaak eigenwijs en als ze niet begrijpen waarom de verbetering beter is dan doen ze het niet altijd.

Feedback:

Benoem wanneer de roeier het wel goed doet zodat die weet wat goed is en wat niet. Doe dit zo snel mogelijk na de uitleg zodat een roeier weet hoe het hoort te voelen.

Naam noemen:

Noem roeiers vooral bij naam zodat als er één roeier is die een bepaalde fout maakt niet de hele boot bezig gaat met die fout. Probeer wel de hele boot een puntje te geven en niet de hele tijd dezelfde roeier puntjes te geven.